Een film maken over de natuur in de stad met de klas: hoe pak je dat aan?

Belangrijke data

 

Thema van De Wilde Stad filmwedstrijd
De Wilde Stad: schetst een beeld van de stad vanuit een totaal nieuw perspectief, namelijk dat van, de vaak door de mens onopgemerkte inwoners, de vele wilde dieren en planten die de stad bevolken. Wij dagen jullie uit om ook op zoek te gaan naar de natuur in de stad en dat te filmen. Liefst al op jullie eigen schoolplein maar op straat, in het park of in de vijver mag natuurlijk ook.

In De Wilde Stad speelt de filmkat Abatutu de hoofdrol. Jullie mogen vanzelfsprekend ook je eigen kat als verteller in het filmpje volgen. Wie weet levert dat een spannende film op!

Een eenvoudig stappenplan voor leerkrachten en leerlingen om hun eigen film te maken. Je wilt met de klas of alleen meedoen met De Wilde Stad filmwedstrijd. Hoe pak je dat aan en waar moet je aan denken? We helpen je in 5 stappen graag op weg.

De meeste professionele films worden gemaakt door een team van mensen die ieder hun eigen taken en verantwoordelijkheden hebben. Ook in de klas ga je taken verdelen en gaan leerlingen in groepjes van 3 tot 5 leerlingen aan de slag. Het enige dat ze nodig hebben is opnameapparatuur zoals mobiele telefoons, een action camera, een digitale (video)camera’s en een computer voor het monteren.

Voor elke stap kun je ongeveer een uur uittrekken. Uiteraard ben je vrij om minder tijd ervoor te nemen of juist meer. Na het doorlopen van de stappen heb je als het goed is een eigen film gemaakt!

Stap 1 – storyboard maken
Bepaal van tevoren dat het filmpje maximaal 90 seconden lang mag worden. Verdeel de klas in groepjes. Laat de leerlingen samen een verhaal bedenken dat ze willen verfilmen. Laat de leerlingen eerst op het schoolpein kijken om ideeen op te doen. Bedenk bij voorkeur een kort verhaal met een duidelijk begin en einde. Liefst een film die over de natuur op het schoolplein gaat maar het mag ook breder. Ook bij een natuurfilm is het van belang dat je van tevoren bedenkt welk verhaal je wilt vertellen. Dit levert een lijst met gewenste scènes op. Lukt het niet om een bepaalde scène op te nemen, dan moet je het verhaal achteraf iets aanpassen.

Elk groepje tekent aan de hand van een paar schetsen het verloop van hun verhaal als een stripverhaal (dat heet een storyboard). Laat ze bij het tekenen van het storyboard ook nadenken hoe ze hun verhaal in beeld willen brengen: wat moet close-up en wat van veraf gefilmd worden. Belangrijk: leerlingen hoeven geen goede tekenaars te zijn om een storyboard te kunnen maken. Het mogen hele eenvoudige schetsen zijn.

Benodigdheden bij deze les:
Lege vellen papier, potloden, gummen en puntenslijpers.

Stap 2 – de voorbereiding
In deze fase wordt de hele film verder uitgewerkt en gepland. Zo worden bijvoorbeeld locaties en dieren of planten gespot. Ook wordt het storyboard verder uitgewerkt, mocht deze nog niet af zijn. Bedenk voordat je gaat filmen heel goed wat voor een film je precies wilt maken. Waar ga je filmen? Welke dieren en planten leven daar? Wat vind je interessant en wat wil je laten zien in je film? Doe onderzoek op internet en bezoek de locatie zonder camera om gewoon eens goed te kijken wat je allemaal ziet. Maak een shotlist met de volgorde van de opnames die je wilt maken.

Elk groepje verdeelt onderling de taken. Als het goed is hebben ze samen de taak van de scenarist en storyboardtekenaar op zich genomen. Wat over blijft is:

regisseur: die geeft aanwijzingen tijdens het filmen: welk shot gaat er opgenomen worden en hoe moet dit eruit zien?

producent: regelt de locaties en zorgt dat iedereen zich aan de planning houdt.

cameraman/vrouw: filmt en zorgt dat alle opnames er mooi op komen te staan en dat het geluid wordt opgenomen

editor: monteert de film als alles gefilmd is.

Niet altijd zijn alle functies nodig en bij kleinere groepjes zijn functies te combineren (cameraman en editor bijvoorbeeld). Bij het monteren kunnen de anderen meekijken en denken over de volgorde van de shots. Belangrijk is mee te geven dat het resultaat van een film valt of staat bij een goede voorbereiding en vooral een goede samenwerking.

Stap 3 – het filmen en geluid opnemen
De leerlingen gaan aan de slag om alle shots op te nemen. Je kan er ook voor kiezen om leerlingen, als ze erg ambitieus zijn, buiten schooltijd extra te laten filmen. Als je een presentator of voice-over in de film gebruikt kan deze ook op een later moment zijn of haar tekst inspreken. Let er op dat je niet hoeft te vertellen wat je al ziet.

Benodigdheden bij deze les:
Per groepje een camera liefst met ingebouwde microfoon. Maar je kunt ook geluiden los opnemen met bijvoorbeeld een smartphone.
Let op horizontaal filmen en niet verticaal!

Stap 4 – monteren
Tijdens de montage worden de beste opnames op volgorde gelegd en aan elkaar geplakt. In deze fase wordt het tempo van de film bepaald. Neem je de tijd om iets te laten zien of volgen de scenes elkaar snel op. Het toevoegen van special effects, geluid en muziek geven de film een bepaalde sfeer. In de montage worden ook titel/aftiteling toegevoegd.

Benodigdheden voor deze les:
Per groepje een laptop/Mac/PC met gratis montagesoftware Windows Movie Maker, Apple iMovie, WeVideo of Movie Edit . Sommige van deze programma’s staan standaard geïnstalleerd op de PC of MAC. De basis is snel onder de knie te krijgen. Het helpt natuurlijk wel als de editor in het groepje al bekend is met dit soort programma’s. Als dat niet zo is, dan kost het waarschijnlijk meer dan 1 uur.

Nederlandstalige handleiding bij Windows Movie Maker Nederlandstalige handleiding bij Apple iMovie

Stap 5 – filmvertoning en deelnemen aan De Wilde Stad filmwedstrijd
In de laatste les worden de films klassikaal bekeken. Vraag naar de keuzes voor de inhoud en vorm en vergelijk de verschillende uitwerkingen. Op deze manier wordt goed duidelijk hoe divers de resultaten zijn. Daarna kan de film worden opgeladen op Youtube of Vimeo en kun je hem inzenden voor deelname aan de Filmwedstrijd De Wilde Stad via de website www.dewildestad.nl/stadindeklas.

Praktische tips

  • De film moet gemaakt zijn in HD kwaliteit. Iedere telefoon, camera of tablet waarmee je in HD kunt opnemen met een minimale resolutie van 1080p is geschikt.
  • Zet de camera zoveel mogelijk vast, gebruik daarvoor een statief of selfiestick. Hiermee voorkom je een wiebelig beeld.
  • Wanneer je filmt met een telefoon: hou de telefoon horizontaal terwijl je filmt.
  • De film heeft een titel een aftiteling waarin minimaal de naam van de film en de filmmaker(s) vermeld worden.
  • De film duurt maximaal 90 seconden
  • Het gebruiken van muziek werkt erg goed in een film maar controleer vooraf wel de rechten. Rechtenvrije muziek is onder andere te verkrijgen via Youtube. 
Hier kun je dat controleren: https://www.youtube.com/music_policies